Een nieuwe keuken. Op papier klinkt het als iets om ontzettend blij van te worden. Je kiest mooie kastjes uit, zoekt een werkblad dat precies bij je smaak past en fantaseert alvast over alle heerlijke maaltijden die je straks gaat bereiden. In werkelijkheid bleek de aanbouw van mijn nieuwe keuken vooral een intensieve cursus geduld, incasseringsvermogen en relativering.

Want voordat de eerste pan op het nieuwe fornuis kon staan, moest er natuurlijk eerst heel wat gebeuren. En met “heel wat” bedoel ik vooral: veel gedoe.

De eerste dagen begonnen nog vol goede moed. Alles zou volgens planning verlopen. Althans, dat was de bedoeling. Maar plannen en verbouwingen blijken niet altijd de beste vrienden te zijn. Er was geluidsoverlast, stof op plekken waar ik het nooit voor mogelijk had gehouden en voortdurend wel iets waarover overlegd moest worden. Dan was er weer een maatvoering die niet helemaal klopte, dan bleek iets anders toch meer tijd te kosten dan verwacht.

En natuurlijk had iedereen daar een mening over.

Ik merkte dat ik steeds vaker bezig was met de keuken dan met de rest van mijn leven. Bij het opstaan dacht ik aan de keuken. Tijdens het ontbijt hoorde ik werkzaamheden. Bij het avondeten zag ik vooral wat er nog allemaal moest gebeuren. Zelfs ’s avonds, wanneer ik eigenlijk wilde ontspannen, zat er ergens in mijn hoofd een klein stemmetje dat vroeg: “Maar hoe zit het eigenlijk met dat ene kastje?”

Het hielp bovendien niet dat een verbouwing nu eenmaal gepaard gaat met een zekere hoeveelheid chaos. Waar normaal gesproken een keuken hoort te staan, stonden ineens gereedschap, dozen, materialen en allerlei spullen waarvan ik niet wist waarvoor ze dienden. De plek waar ooit gewoon gekookt werd, veranderde in een soort bouwplaats.

Elke dag bracht zijn eigen portie gezeur en stress.

Soms was het een kleinigheid, soms iets waarvan ik dacht: moet dit er nu ook nog bij? Ik probeerde mezelf regelmatig voor te houden dat het allemaal tijdelijk was. Dat hielp… ongeveer vijf minuten.

Gelukkig was daar de hangmat

Toch was er één ding dat ervoor zorgde dat ik niet volledig veranderde in een wandelende stressbal: de hangmat.

Na weer een dag vol lawaai, geregel, overleg en kleine tegenvallers was er namelijk een vast rustmoment. Zodra de werkzaamheden voor die dag erop zaten, kon ik de chaos letterlijk achter me laten en plaatsnemen in mijn hangmat.

En wat een verschil maakte dat.

Daar, bungelend in de buitenlucht, hoefde ik even helemaal niets. Geen keuzes maken over handgrepen, geen nadenken over aansluitingen, geen vragen beantwoorden en vooral: geen keuken.

De hangmat werd mijn persoonlijke herstelplek.

Het bijzondere was dat de problemen in de keuken vanuit de hangmat ineens een stuk minder groot leken. Wat overdag voelde als een ramp van formaat, bleek ’s avonds vaak gewoon een vervelend detail. Ik kon er letterlijk en figuurlijk wat afstand van nemen.

Met een drankje binnen handbereik en mijn lichaam heerlijk ontspannen in de hangmat, begon ik weer te zien waarom ik dit allemaal deed. Ik wilde uiteindelijk gewoon een fijne, mooie keuken waar ik met plezier kon koken en leven. Dat einddoel was soms een beetje uit beeld geraakt tussen alle stofwolken en stressmomenten, maar vanuit mijn hangmat kwam het weer duidelijk in zicht.

En zo ontstond er een merkwaardige dagelijkse routine. Overdag: chaos. ’s Avonds: hangmat.

Het ene compenseerde bijna het andere.

Langzaam maar zeker kwamen de werkzaamheden dichter bij het einde. De kastjes werden geplaatst, het werkblad kwam tevoorschijn en stukje bij beetje begon de ruimte weer op een echte keuken te lijken. De laatste loodjes waren uiteraard niet zonder gedoe, want blijkbaar kan een verbouwing niet eindigen zonder nog een paar onverwachte verrassingen.

Maar uiteindelijk werd de klus geklaard.

En toen ik voor het eerst mijn nieuwe keuken volledig zag zoals die bedoeld was, voelde ik vooral opluchting. Natuurlijk was ik blij met het resultaat. Natuurlijk was het prachtig om te zien hoe mijn ideeën werkelijkheid waren geworden. Maar misschien voelde ik nog wel meer waardering voor de rust die daarna terugkeerde.

Geen bouwgeluiden meer. Geen stof. Geen dagelijkse vragen. Geen gezeur over wat er nog moest gebeuren.

Alleen een nieuwe keuken én een hangmat waarin ik kon bijkomen.

Achteraf kan ik er gelukkig om lachen. Een verbouwing is nu eenmaal niet alleen een verhaal van mooie eindresultaten. Het is ook een verhaal van geduld, frustratie, improviseren en af en toe diep ademhalen.

Mijn belangrijkste les? Een droomkeuken is mooi, maar onderschat nooit de kracht van een goede hangmat.

Want na elke dag vol stress bleek dat ene ontspannen hangmatmoment precies te zijn wat ik nodig had om de volgende dag weer aan te kunnen.

En uiteindelijk kwam het allemaal goed. De keuken staat. De klus is geklaard. En de hangmat? Die blijft gewoon staan.

Door Anne